Lesezeit: 7 Minuten

Bij de aanschaf van een nieuwe stapelaar of palletwagen bepalen de afmetingen in grote mate of u ze ook goed in uw magazijn of andere delen van uw bedrijf kunt inzetten. Het is daarom raadzaam een eisenprofiel op te stellen, voordat u overgaat tot het kopen van een nieuwe stapelaar of pompwagen. Zowel de hoogte als de breedte, de lengte en het eigengewicht zijn daarbij van belang. De afmetingen van een hefvoertuig zijn niet alleen bepalend voor de stabiliteit en het veilig nemen van bochten. Het formaat van het voertuig bepaalt bovendien ook door welke delen van uw bedrijf u kunt manoeuvreren u en hoe snel en veilig u er goederen mee kunt op -en overslaan.

Afmetingen van pompwagens en stapelaars – de hoogte van het voertuig

In dit kader is de hoogte van een hefvoertuig erg belangrijk. Als het voertuig met een hefmast is uitgerust, is dit het hoogste punt. U dient probleemloos door deuren, onder poorten door en langs containers te kunnen rijden. De afmetingen van de hefmast verschillen naar gelang de hefhoogte.

De hoogte van een hefvoertuig wordt bepaald door het dak van de cabine (h6) of door de hoogte van de ingeschoven hefmast (h1). Aan de hand van deze hoogtes kunt u bepalen waar u het voertuig  kunt gebruiken zonder schade aan het hefvoertuig zelf, de lading of het gebouw te veroorzaken.

Schematische weergave van een stapelaar, zijaanzicht.

De volgende punten zijn daarbij van belang:

  • De hoogte van deuren
  • De hoogte van doorgangspoorten
  • De hoogte van systemen waar pallets op liggen
  • De doorrijhoogtes bij stellingsystemen
  • Onderdelen aan het plafond waar het voertuig tegenaan zou kunnen botsen
  • De grootte van goederenliften

Wij raden u aan alle delen van het magazijn of het bedrijf waar u het hefvoertuig wilt gebruiken te controleren. Houd ook rekening met de hoogte van uw pompwagen of stapelaar als u deze wilt gebruiken voor het inladen van vrachtwagens (standaard binnenhoogte 2.600 mm), treinwagons (2.000 mm) of containers (deurhoogte 2.280 mm-2.585 mm).

Voor de dagelijkse werkzaamheden in uw bedrijf is het belangrijk te weten tot welke maximumhoogte de goederen kunnen worden in- en uitgeladen. Daarom is de hefhoogte van belang: de onderkant van een pallet bevindt zich niet altijd op dezelfde hoogte als de laadvorken, maar hangt er tijdens het laden soms onder. Dan is een grotere hefhoogte vereist. De hoogte van de hefmast is daarentegen van belang wanneer er op grote hoogte wordt gewerkt, bijvoorbeeld direct onder het dak.

Het is ook belangrijk dat het hefvoertuig een vrije hefhoogte heeft, dat wil zeggen: de hefhoogte die kan worden bereikt zonder dat de hefmast wordt uitgeschoven. Deze ligt meestal tussen 0 en 150 mm, vanaf de grond gemeten. Hierdoor kunnen pallets horizontaal worden vervoerd zonder dat de vorktanden over de grond slepen tijdens het rijden. Sommige hefvoertuigen hebben zelfs een grotere vrije hefhoogte vanaf 1.000 mm. Dit is nodig voor het stapelen van goederen in containers of als u onder lage poorten door moet rijden met de lading.

Bodemvrijheid van hefvoertuigen

De bodemvrijheid is de afstand tussen de vloer en het laagste punt aan de onderkant van de stapelaar of palletwagen. Deze moet groot genoeg zijn voor de dagelijkse werkzaamheden in uw bedrijf, vooral het punt in het midden van de wielbasis. De bodemvrijheid wordt met name bepaald door de grootte van de wielen of banden. Als de bodemvrijheid te klein is, kunnen zelfs kleine oneffenheden in de grond ertoe leiden dat het hefvoertuig vastloopt of omvalt. Sommige hefvoertuigen beschikken over hellingcomfort: door middel van wielarmheffing (zie afbeelding 2) wordt een hogere bodemvrijheid gecreëerd. Daardoor kan het hefvoertuig makkelijker een steile helling oprijden.

Schematische weergave van de bodemvrijheid, met en zonder wielarmheffing.

Moet het hefvoertuig een helling of schans oprijden? Let er dan op dat er geen gevaarlijke ‘knik’ (zie afbeelding 1) is met een ongunstige hoek tussen de 8 en 12,5%, die een belemmering kan vormen voor het laadoppervlak. Bereken de hellingshoek daarom nauwkeurig.

Basislengte en hoogte van een helling

Hoogteverschil (h)                   = Helling
Basis van de helling (l)

Afmetingen van palletwagens en stapelaars – de breedte

Vooral bij het laden en lossen van vrachtwagens, wagons of containers geldt: hoe kleiner de breedte (b1) van het hefvoertuig, hoe sneller u kunt draaien en manoeuvreren. In krappe ruimtes wint u met ‘slanke’ hefvoertuigen kostbare seconden, vooral als u dicht bij de wanden aan de slag moet. Bij dergelijke smalle voertuigen komt de breedte van het vorkenbord (b3) gewoonlijk overeen met de totale breedte. Toch kunt u met deze kleinere wagens gewoon europallets verplaatsen.

Schematische weergave van de volledige breedte van stapelaars en palletwagens.

Een breed hefvoertuig heeft uiteraard meer ruimte nodig, bijvoorbeeld wanneer u een ander voertuig wilt inhalen in een gangpad. Een grotere spoorbreedte biedt echter ook meer stabiliteit en zorgt voor evenwichtiger bochtenwerk. Grote en onhandzame goederen kunnen comfortabel worden vervoerd en worden ingeruimd met een brede palletwagen of stapelaar. Aangezien het vorkenbord ook verder uit elkaar staat, kunnen de zware vrachten snel en nauwkeurig worden verplaatst. Als het gewicht van de goederen boven de gebruikelijke 2 tot 2,5 ton ligt, raden we aan om speciale palletwagens of stapelaars voor zware lasten te gebruiken. Deze modellen zijn niet alleen groter, maar ook de onderdelen waar gewicht op komt te staan, zoals het hefframe, de dissel en de wielen zijn versterkt.

De breedte van het vorkenbord van palletwagens en stapelaars wordt gewoonlijk pas vanaf 685 mm als speciale vorkbreedte aangeduid. Bij de meeste hefvoertuigen is het vorkenbord tot 600 mm breed. Dat is de maximale breedte waarmee nog onder europallets kan worden gereden.

Wendbaarheid en lengte – belangrijke afmetingen voor palletwagens en stapelaars

Om ervoor te zorgen dat u altijd snel en precies kunt werken met het hefvoertuig, moet u bij de afmetingen van de palletwagen of stapelaar goed letten op de lengte (L2). Die wordt hoofdzakelijk bepaald door de lengte van de vorken. Volgens ISO-norm FEM3a en FEM3b moet de vorklengte tussen 1150 en 2400 mm bedragen. Vooral als u uw hefvoertuig in een vrachtwagen wilt vervoeren of gebruik maakt van goederenliften, is het belangrijk dat de vorklengte niet te lang is, zodat u snel en precies kunt draaien in deze krappe ruimtes.

Schematische weergave van de lengte van stapelaars en palletwagens.

De lengte van de voorkant van een hefvoertuig bepaalt, naast de breedte (b1) en de draaicirkel (Wa), de vereiste breedte van de gangpaden in het magazijn, ofwel de afstand tussen tegenover elkaar geplaatste stellingen. Deze afstand hangt dus onder meer af van het soort en type hefvoertuigen dat in het magazijn wordt gebruikt  –  en is afhankelijk van hoeveel ruimte er nodig is bij het draaien, manoeuvreren en laden. De manoeuvreerbaarheid van het voertuig wordt tevens bepaald door de wielbasis (y). Een kleine wielbasis verkleint weliswaar de draaicirkel, maar heeft een negatieve invloed op de stabiliteit tijdens het rijden, met name in de bochten.

Het is de overweging waard of een stapelaar met vier of juist drie wielen geschikter is voor uw werkzaamheden en de beschikbare ruimte. Driewielige stapelaars kunnen gemakkelijker en sneller worden bestuurd dankzij het achterwiel, dat direct wordt aangestuurd. De benodigde draaicirkel is bijna hetzelfde als de lengte van het voertuig en daarmee zeer klein. Stapelaars met vier wielen hebben daarentegen meer ruimte nodig om te draaien en te manoeuvreren.

Het eigengewicht van palletwagens en stapelaars

Onder het eigengewicht van palletwagens en stapelaars verstaan we het gewicht zonder lading en zonder bestuurder. Het is normaal gesproken grofweg het dubbele van het draagvermogen van het hefvoertuig.

Het effect van het eigengewicht op de belastbaarheid van de ondergrond

Zodra er in uw bedrijfspand met palletwagens of heftrucks wordt gewerkt, is het van groot belang dat u vooraf het draagvermogen van de ondergrond controleert. Met name in gebouwen met meerdere verdiepingen moet rekening worden gehouden met de draagkracht van de vloer, vooral als de hefvoertuigen op de bovenste verdiepingen worden gebruikt. Als er meerdere voertuigen worden ingezet, neemt de belasting op de vloer toe wanneer ze dicht bij elkaar in de buurt komen. In ieder geval mag het maximaal toelaatbare draagvermogen van de vloer (kg/m²) niet worden overschreden. U moet bovendien extra rekening houden met hellingen, mobiele bruggen of afvoerputten waar overheen wordt gereden, aangezien deze het draagvermogen verminderen.

Een belastbaarheid van 2000 kg/m² betekent dat de vloer per vierkante meter twee ton gewicht aankan.

Zodra stapelaars of palletwagens beladen zijn met goederen, geldt: totaalgewicht = eigen gewicht plus laadgewicht. Maar niet alleen het totale gewicht van palletwagens of stapelaars belast de ondergrond, ook trillingen die ontstaan bij het laten zakken van de lading of bij het remmen vormen een extra belasting. Voor deze dynamische krachten wordt voor hefvoertuigen met een contragewicht een impactfactor van 1,4 aanbevolen.

De oppervlakte wordt berekend aan de hand van de afmetingen van het hefvoertuig: (lengte van het voertuig + lengte van de lading) x grootste breedte.


Oppervlaktebelasting (kg/m²) = (Eigengewicht kg + belasting in kg) x impactfactor 1,4
                                                                              Lengte m x breedte in m

Puntbelasting van de ondergrond

Bij het gebruik van palletwagens of stapelaars raden we ook aan aandacht te besteden aan de toestand van de ondergrond. De puntbelasting van de ondergrond – ook wel specifieke wieldruk – is vooral relevant als u wilt verhinderen dat de vloer beschadigd wordt. De specifieke wieldruk ontstaat via de contactvlakken van de banden op de ondergrond en moet kunnen worden geabsorbeerd zonder dat er vervormingen optreden. De puntbelasting wordt beschreven in kg/cm². De contactvlakken van de banden zijn afhankelijk van:

  • Het materiaal van de banden
  • Het eigengewicht van het hefvoertuig
  • Het gewicht van de lading
  • De dynamische krachten bij het rijden
  • Het maken van bochten en het remmen

Op basis daarvan zijn er bepaalde vloeren die extra aandacht verdienen met betrekking tot de puntbelasting die wordt uitgeoefend bij het gebruik van hefvoertuigen:

  • Hout
  • Asfalt
  • PVC en vinyl
  • Vloertegels, baksteen, keramiek

Bij deze vloertypen is het absoluut noodzakelijk om grondig te testen of er wel met hefvoertuigen overheen kan worden gereden.

Let op: de hier genoemde voorschriften zijn slechts een keuze uit de belangrijkste wettelijke richtlijnen. Voor gedetailleerde informatie verwijzen we u naar de hier weergegeven voorschriften en wetten. Bij de concrete omzetting in uw bedrijf dient u zich bij twijfel tot een deskundige te richten.

Bron afbeelding:
© gettyimages.de – 1933bkk