Lesezeit: 5 Minuten

In Nederland is in de Wet Milieubeheer vastgelegd hoe bedrijven met afval moeten omgaan. Deze wet is een kaderwet, die bestaat uit algemene wettelijke bepalingen. Deze worden toegespitst op de verschillende sectoren in de regels van het Landelijk Afvalbeheerplan, dat tenminste iedere zes jaar wordt vastgesteld door Rijkswaterstaat. Het huidige plan is het Landelijk Afvalbeheerplan 2017-2029, ook bekend als LAP3.

De Wet Milieubeheer en het LAP3 vormen samen het wettelijke kader voor een doelmatige omgang met afvalstoffen in de samenleving. Ze hebben betrekking op het vermijden, vervoeren, opslaan, afvoeren en recyclen van afval. Het doel is een spaarzame omgang met grondstoffen en het beschermen van het milieu en klimaat. Daarom zijn er voor producenten, consumenten en afvalverwerkingsbedrijven wettelijke verplichtingen op het gebied van afval en recycling. Bedrijven die deze verplichtingen niet nakomen, kunnen rekenen op sancties, zoals boetes.

We geven u hier advies, tips en uitleg over de Wet Milieubeheer en het Landelijk Afvalbeheerplan, zodat u afval kunt afvoeren en recyclen in overeenstemming met de wet.

Afval of grondstof?

Als een stof of voorwerp afval is, gelden er andere administratieve en financiële verplichtingen dan wanneer dit niet zo is. Daarom is het van belang om te bepalen wat afval is, en wat niet. In §1.1 van de Wet Milieubeheer wordt afval gedefinieerd als ‘alle stoffen, preparaten of voorwerpen, waarvan de houder zich ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen’. Het is echter niet altijd makkelijk voor bedrijven om in de praktijk te bepalen of er sprake is van afval. Wat vroeger als afval werd gezien, kan tegenwoordig in het kader van de circulaire economie gelden als een product of grondstof.

Hoofdstuk B.6 van het LAP3 geeft meer uitleg over de definitie van afval. Verder is er een aantal praktische hulpmiddelen beschikbaar om te bepalen of een stof afval is of niet. Een overzicht hiervan kunt u vinden op de website van het LAP3, onder ‘Hulpmiddelen bij Toetsing’.

Wetgeving en circulaire economie

De Nederlandse wetgeving is gebaseerd op de Europese richtlijnen, met name de Kaderrichtlijn betreffende afvalstoffen. Hierin worden de verschillende soorten afval opgenoemd, en er wordt aandacht besteed aan de risico’s van bepaalde soorten afval. In Hoofdstuk 10 van de Wet Milieubeheer wordt vastgelegd wat wel en niet is toegestaan in de omgang met afval in Nederland. Niet alle vormen van afval vallen onder de Wet Milieubeheer. In artikel 10.1a van deze wet vindt u een lijst met uitzonderingen.

In het LAP3 wordt het nationale afvalbeheer vervolgens per sector uitgewerkt met oog op het bevorderen van recycling en het vermijden van onnodig afval. De richtlijnen van het LAP3 vormen tevens het toetsingskader voor vergunningsverlening. Hierbij is de zogenaamde minimumstandaard van belang: per afvalcategorie geeft de minimumstandaard aan wat de laagwaardigste afvalverwerkingsmethode is die in aanmerking komt voor een vergunning. Het doel is om de minimumstandaard steeds verder te verhogen, vergunningen tijdig te actualiseren en zo hoogwaardige afvalverwerking te stimuleren. U kunt de minimumstandaard vinden in het sectorplan dat voor u van toepassing is.

U kunt alle sectorplannen inzien op de website van het LAP3. Als u bijvoorbeeld in de glasvezelkabelindustrie werkt, kunt u ‘glasvezelkabels’ selecteren in de alfabetische lijst met sectorplannen en het sectorplan downloaden. Daarin vindt u niet alleen de minimumstandaard, maar ook concrete regels en protocollen voor het recyclen en/of afvoeren van de verschillende stoffen die in uw sector relevant zijn. Het kan zijn dat meerdere sectorplannen van toepassing zijn op uw situatie.

Afval op de juiste manier weggooien

Voor bedrijven gelden speciale regels over hoe en waar afval mag worden weggegooid. Deze regels hebben onder andere als doel recycling te bevorderen en het onnodig verbranden of lozen van reststoffen te vermijden. Het scheiden van afval speelt hier een belangrijke rol. Net als thuis dienen recyclebare stoffen en ander bedrijfsafval in aparte afvalbakken te worden verzameld.

Afvalhiërarchie – in welke volgorde ga ik aan de slag?

Om te zorgen dat alle maatregelen op zinvolle en doeltreffende wijze kunnen worden uitgevoerd, is in de Wet Milieubeheer vastgelegd in welke volgorde afvalstoffen behandeld dienen te worden:

1. Preventie

2. Voorbereiding voor hergebruik

3. Recycling

4. Andere nuttige toepassing, waaronder energieterugwinning

5. Veilige verwijdering

Deze afvalhiërarchie laat zien dat het voorkomen van onnodig afval de hoogste prioriteit heeft. Het verwijderen van afval valt onder punt vijf, en wordt dus beschouwd als de laatste uitweg, die zoveel mogelijk dient te worden vermeden. Idealiter functioneert de circulaire economie als een gesloten kringloop, waar voor (bijna) alle reststoffen een nieuwe toepassing wordt gevonden.

Afgifte van afvalstoffen – waar en hoe?

Afvalbeheer behoort een integraal onderdeel van de bedrijfsvoering te zijn. Bedrijven zijn in principe zelf verantwoordelijk voor het scheiden, inzamelen en afvoeren van afval, maar het is mogelijk om een contract af te sluiten met de gemeente of een erkende inzameldienst, die dit voor u doet. Als u uw bedrijfsafval door de gemeente laat ophalen, of het zelf naar de gemeentelijke milieustraat brengt, betaalt u daarvoor reinigingsrecht. Uiteraard zijn er ook kosten aan verbonden als u met een commerciële partij in zee gaat.

Verder bent u verplicht om een registratie bij te houden van het afval dat u wegdoet, vervoert of ontvangt. Dat kunt u doen door middel van een zogenaamde afvalstoffenregistratie. Daarin bewaart u het contract met de inzamelaar, de begeleidingsbrief in het geval u afval laat vervoeren en de rekening van het afval. U bent verplicht om deze documenten vijf jaar te bewaren.

Bedrijven zijn wettelijk verplicht om alle afvalstoffen en -producten die zij produceren en bezitten op wetmatige, veilige en zo effectief mogelijke wijze te (laten) recyclen of af te (laten) voeren.

Vergunningen

In de meeste gevallen bestaat er voor uw bedrijf een vergunningsplicht voor het opslaan, vervoer en verwerken van eigen afvalstoffen. Het gaat hier om een Omgevingsvergunning milieu, waarvan de wetgeving voor aanvraag en uitvoering in het Besluit omgevingsrecht staat. Daarnaast zijn er ook activiteiten in de omgang met bepaalde afvalstoffen waarvoor een Omgevingsvergunning Beperkte Milieutoets noodzakelijk is.

Bedrijven die een Omgevingsvergunning milieu hebben, worden regelmatig en zonder waarschuwing gecontroleerd door de Inspectiedienst Leefomgeving en Transport. Als uw bedrijf zich niet houdt aan de wet- en regelgeving ten aanzien van het afvalbeheer, kunt u daarvoor aansprakelijk worden gesteld.

Informatieverschaffing

Afvalbeheer is een onderwerp van groot maatschappelijk belang. De Rijksoverheid wil daarom bedrijven zo goed mogelijk informeren. De websites van het Landelijk Afvalbeheerplan, het Kenniscentrum Infomil en het Kenniscentrum Circulaire Economie bieden uitgebreide informatie over de wet- en regelgeving op dit gebied. Maar ook het Ondernemersplein van de Kamer van Koophandel is een handige bron van informatie voor ondernemers: het maakt u wegwijs over tal van belangrijke onderwerpen, waaronder recycling en afvalbeheer. Als u informatie zoekt over de plaatselijke Verordening Afvalstoffen, kunt u contact opnemen met de gemeente waar uw bedrijf is gevestigd.

Let op: de hier genoemde voorschriften zijn slechts een keuze uit de belangrijkste wettelijke richtlijnen. Voor gedetailleerde informatie verwijzen we u naar de hier weergegeven voorschriften en wetten. Bij de concrete omzetting in uw bedrijf dient u zich bij twijfel tot een deskundige te richten.

Bron afbeelding:
© gettyimages.de© gettyimages.de –
 sturti
© gettyimages.de – Thomas Demarczyk