Generic selectors
Exact matches only
Search in title
Search in content
Post Type Selectors
post
Lesezeit: 5 Minuten

Stellingen die bedrijfsmatig worden gebruikt, vallen onder een keuringsplicht volgens NEN-EN 15635. De voorschriften uit de norm bepalen met welke tussenpozen de keuring van stellingen moet worden uitgevoerd, wat er precies wordt gecontroleerd en welke maatregelen er moeten worden genomen wanneer er schade wordt vastgesteld.

Welke stellingen moeten verplicht worden gekeurd?

De NEN-EN 15635 schrijft voor dat stalen opslagsystemen die bedrijfsmatig gebruikt worden regelmatig moeten worden gekeurd. De keuringsplicht geldt voor:

  • Alle opslagruimtes met stellingsystemen
  • Stellingen waarop arbeidsmiddelen of materialen worden opgeslagen
  • Stellingen in winkelruimtes

Een essentieel onderdeel hiervan is de regelmatige keuring van magazijnstellingen. Het gaat hier om stellingsystemen met een maximaal draagvermogen van 4000 kg, waaronder:

Welke stellingen hoeven niet gekeurd te worden?

In principe geldt voor alle bedrijfsmatig gebruikte stellingen een keuringsplicht. Bepaalde stellingtypes kunnen onder specifieke omstandigheden uitgezonderd zijn van de regelmatige keuring, maar blijven wel onderworpen aan de algemene keuringsplicht.

Hiertoe behoren stellingen die uitsluitend handmatig worden beladen en ontladen, zoals archiefstellingen voor dossiers of kleine magazijnstellingen. Voorwaarde is dat potentiële gevaren kunnen worden uitgesloten – bijvoorbeeld omdat er geen heftrucks worden gebruikt, of omdat de stellingen niet zwaar worden beladen.

Of van een regelmatige keuring van de stellingen kan worden afgezien, kan uitsluitend worden bepaald op basis van een verplichte risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) conform de Arbeidsomstandighedenwet. Deze RI&E moet door de werkgever worden uitgevoerd; een eventueel restrisico valt onder de verantwoordelijkheid van de werkgever. Pas dan kan worden vastgesteld of de hierboven genoemde uitzonderingen gelden, al blijft een eerste inspectie conform NEN-EN 15635 in alle gevallen verplicht.

Ook wanneer bepaalde stellingtypes zijn vrijgesteld van de regelmatige keuring, kan een regelmatige visuele controle toch zinvol zijn.

Hoe vaak moeten stellingen worden gekeurd en wat wordt er gecontroleerd?

Het keuren van stellingen bestaat uit een wekelijkse visuele controle en een jaarlijkse controle door een expert. Er moet een extra keuring plaatsvinden wanneer zich uitzonderlijke gebeurtenissen hebben voorgedaan, zoals schade na een ongeval, een verhuizing of andere wijzigingen aan de constructie.

Voor de wekelijkse visuele controle volgens NEN-EN 15635 beoordeelt een daarvoor geschoolde medewerker elke afzonderlijke stelling en documenteert de controle. Hierbij wordt gecontroleerd:

  • of de stelling conform de instructies is opgebouwd
  • of er schade aan de constructie of onderdelen daarvan zichtbaar is
  • of schade door stoten of overbelasting herkenbaar is
  • of de stellingen waterpas staan
  • of de lasnaden van de stellingen schade hebben
  • of de borgpennen en aanrijdbeveiliging in goede staat verkeren
  • of de lasten gelijkmatig verdeeld zijn en de toegestane maximumbelasting en -afmetingen niet overschrijden
  • of markeringen voor de maximumbelasting en verdere veiligheidsinstructies volledig en actueel zijn
  • of schade aan pallets of opgeslagen goederen voor gevaar zou kunnen zorgen bij het in- en uitnemen.

Vastgestelde schade moet worden gedocumenteerd en samen met de controle-checklist aan een leidinggevende worden overgedragen.

De jaarlijkse inspectie van stellingen moet worden uitgevoerd door een deskundige. De keuring vindt plaats met intervallen van maximaal 12 maanden en verschilt inhoudelijk van de wekelijkse controle. De jaarlijkse inspectie omvat onder meer een:

  • visuele controle op naleving van de eisen volgens NPR 5055
  • visuele controle van stellingonderdelen op herkenbare beschadiging volgens NEN-EN 15635
  • markering van de beschadigde onderdelen evenals een schadebeoordeling, inclusief vaststelling van schadeoorzaken
  • vergelijking van de informatie op de belastingborden met het stellingsysteem
  • inschatting van de gebruiksveiligheid
  • advies voor schadepreventie
  • uitgebreid keuringsrapport

Wie mag stellingen keuren volgens NEN-EN 15635?

Het keuren van stellingen mag alleen worden uitgevoerd door daarvoor bevoegde personen. De norm onderscheidt hierbij twee typen keuringen:

De wekelijkse visuele inspectie mag worden uitgevoerd door een getrainde medewerker. Deze persoon moet zijn geïnstrueerd conform de Arbowet en vertrouwd zijn met NEN-EN 15635.

De jaarlijkse keuring van de stellingen moet worden uitgevoerd door een deskundige met voldoende kennis van de relevante normen, zoals NEN-EN 15512, NEN-EN 15620, NEN-EN 15629 en NEN-EN 15635. Bovendien mogen keuringen alleen worden uitgevoerd door keurmeesters die gecertificeerd zijn bij de BMWT (Bouwmachines, Magazijninrichtingen, Wegenbouwmachines en Transportmaterieel) of de Vereniging van Stelling Leveranciers (VSL).

Wat gebeurt er als er gebreken worden vastgesteld bij de keuring?

Als er bij de visuele controle schade of defecten worden geconstateerd, dan moet een indeling in gevarenniveaus worden gemaakt:

  • Gevarenniveau Groen: de schade of gebreken zijn zo gering dat monitoren voldoende is. Desondanks moeten de onderdelen worden gemarkeerd.
  • Gevarenniveau Oranje: dit gevarenniveau wijst op een gevaarlijke beschadiging. Deze is echter niet zo ernstig dat onmiddellijk handelen noodzakelijk is. Zodra de betreffende stelling uitgeruimd is, moet de schade eerst worden aangepakt, voordat de stelling weer in bedrijf mag worden genomen.
  • Gevarenniveau Rood: deze classificatie wijst op zeer ernstige schade. In zo’n geval moet de stelling onmiddellijk worden uitgeruimd en buiten gebruik worden gesteld tot de schade is hersteld of de stelling is vervangen.

Het repareren van de schade of het defect moet schriftelijk worden gedocumenteerd. Na een reparatie van een stelling moet bovendien altijd een stabiliteitscontrole worden uitgevoerd, die ook schriftelijk moet worden gedocumenteerd.

Checklist voorbereiding stellingen-inspectie

U wilt natuurlijk zo goed mogelijk voorbereid zijn op de keuring. Let in ieder geval op de volgende punten:

  1. Toegankelijkheid van de magazijnstelling

    De omgeving van een magazijnstelling, oftewel de aanrijroute en de ruimte direct om een stelling heen, dient vrij en veilig toegankelijk te zijn. De vloer en het kabelwerk mogen geen schade vertonen.

  2. Juiste gebruik van de stelling

    Zorg ervoor dat u de stelling gebruikt zoals dit is voorgeschreven door de fabrikant of leverancier. Raadpleeg de voorschriften en corrigeer eventueel de belasting en/of montage van de stelling.

  3. Maximumbelasting

    Controleer regelmatig of een stelling niet wordt overbelast. Let hierbij zowel op maximale vak- als veldlast.

  4. Aanrijdbeveiliging bij transportroutes

    Wanneer een stelling zich aan een transportroute voor voertuigen bevindt, dient deze van aanrijdbeveiliging van minimaal 40 cm hoog te worden voorzien.

  5. Meldprocedure voor schade

    Stel een interne meldprocedure op voor eventuele schade, zodat die direct kan worden genoteerd en verholpen. Zo kunt u direct handelen om de veiligheid te garanderen.

Veelgestelde vragen over het keuren van stellingen

Welke voorschriften gelden voor het keuren van stellingen?

Welke stellingen moeten worden gekeurd, wie de keuringen mag uitvoeren en hoe vaak de stellinginspectie moet worden uitgevoerd, wordt bepaald in de volgende wettelijke voorschriften:
 
• Plicht van de werkgever tot risico-inventarisatie: Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet)
• Risicobeoordeling: Arbeidsomstandighedenbesluit en Arbeidsomstandighedenregeling
• Stellingen van staal: NEN-EN 15635
• Stellingontwerp en berekening: NEN-EN 15512 (palletstellingen), NEN-EN 15620 (legbordstellingen)
• Periodieke keuring: NEN-EN 15635 en NPR 5055
• Veiligheid van stellingen: Arbeidsinspectie richtlijnen en branchegerichte publicaties

In Nederland is de keuringsplicht vastgelegd in artikel 7.4a van het Arbobesluit, dat voorschrijft dat elke stelling vóór ingebruikname moet worden gecontroleerd en daarna minstens één keer per jaar. Voor stellingen gebouwd vóór 2009 gelden de oude Nederlandse normen: NEN 5051, NEN 5052 en NEN 5053. Alle stellingen gebouwd na 2009 moeten voldoen aan de Europese normen NEN-EN 15620, NEN-EN 15629 en NEN-EN 15635.

Waarom is het keuren van stellingen noodzakelijk?

Een regelmatige keuring van bedrijfsmatig gebruikte stellingen zorgt ervoor dat de stellingen aan de voorschriften voldoen en dat alle beveiligingen en markeringen correct zijn aangebracht. Daarnaast worden bij de keuring volgens NEN-EN 15635 de afzonderlijke onderdelen van de stelling gecontroleerd op volledigheid en mogelijke beschadigingen. Een jaarlijkse inspectie waarborgt de veiligheid van werknemers en klanten in magazijnen, werkplaatsen en winkelruimtes, vooral wanneer gebruik wordt gemaakt van heftrucks of geautomatiseerde systemen.

Hoe vaak moet een keuring van stellingen plaatsvinden?

Het keuren van stellingen bestaat uit een wekelijkse visuele controle en een jaarlijkse controle door een deskundige. Laatstgenoemde keuring moet met intervallen van maximaal 12 maanden plaatsvinden.

Let op: de hier genoemde voorschriften zijn slechts een keuze uit de belangrijkste wettelijke richtlijnen. Voor gedetailleerde informatie verwijzen we u naar de officiële voorschriften, wetten en richtlijnen omtrent dit thema. Bij de concrete omzetting in uw bedrijf is het raadzaam om vooraf een deskundige te raadplegen.

Bron afbeelding:
© gettyimages.de – alvarez